Pedagogische richtlijnen

 

 

Tien aandachtspunten voor de leerkracht chemie

 

1.      Waak over de volledige en evenwichtige afwerking van  het leerplan. Zorg daarbij voor een goede jaarplanning en bereid alles goed voor. Laat de agenda’s van de leerlingen zorgvuldig invullen.

2.      Let op het minimumaantal leerlingenpractica dat verwezenlijkt moet worden (zie leerplannen).

3.      Het leerplan schrijft voor dat alle lessen in een geschikt wetenschapslokaal moeten plaatsvinden, zodat de uitvoering van de experimenten niet in het gedrang komt.

4.      Neem de veiligheids- en milieuvoorschriften i.v.m. opslag, gebruik en verwijderen van chemicaliën in acht. Zorg voor de aanwezigheid van de verplichte gevarensymbolen en R- en S-zinnen.

5.      Zorg ervoor dat de wetenschapslokalen uitgerust zijn conform de minimale materiële vereisten en tracht daarbij de voorschriften van het leerplan zo veel als mogelijk te realiseren.

6.      Besteed voldoende aandacht aan contexten (bv. historische en maatschappelijke aspecten). Begin uw les met contexten of verwerk deze informatie in het lesverhaal. Verwijs eventueel ook naar leesteksten, illustrerende artikels of literatuur. Benader de chemie vanuit een exacte en positieve invalshoek, zonder de minder positieve aspecten te verbergen

7.      Maak via de vakgroep afspraken rond de vakoverschrijdende eindtermen, gebruik van ICT, didactische hulpmiddelen, enz.

8.      Verplicht de leerlingen hun lessen te leren en controleer dat bv. via een korte ondervraging (mondeling of schriftelijk) over de belangrijkste begrippen die in de vorige les behandeld werden.

9.      Gebruik een geschikt handboek, eventueel gecombineerd met een zelfgemaakte cursus. Verlies tijdens de les geen tijd met overbodig dicteren of teveel invuloefeningen.

10. Zorg ervoor dat de examenvragen evenwichtig verdeeld zijn over de leerstof (dus ook de contexten), over kennis, inzicht en toepassing. Let daarbij op het gebruik van verschillende vraagvormen, nl. open, halfopen en gesloten vragen. Zorg voor een bondige modeloplossing met puntenverdeling.

 

Indien er problemen zijn om de aandachtspunten 2, 3, 4 en 5 te verwezenlijken, zal dit aan de directie gemeld worden, bv. via een verslag van de vakwerkgroep wetenschappen. Een dubbel wordt door de betrokken leerkracht bewaard en moet desgewenst kunnen voorgelegd worden.

 

 

Jaarvorderingsplan

 

Een goede jaarplanning is noodzakelijk voor een optimaal tijdsgebruik. Het is zeker geen louter administratief document, maar een werkdocument om er voor te zorgen dat alle onderdelen van het leerplan behandeld worden, en om alle verplichte leerplandoelstellingen te bereiken.

In geval van afwezigheid van de titularis zal de vervangende leerkracht m.b.v. dit document over de nodige informatie beschikken om het normale lesverloop niet in het gedrang te brengen.

Het vooraf formuleren van de doelstellingen, het plannen van de leerstof, het ‘managen’ van evaluatie en begeleiding zijn heel belangrijke aandachtspunten voor de leraar en voor de school.

Het schrijven van een goed jaarvorderingsplan en het bespreken ervan met collega’s zowel binnen de school als met collega’s van andere scholen, zowel horizontaal als verticaal, kan een middel zijn om het onderwijsresultaat ter verbeteren.

Het hieronder beschreven minimummodel is een leidraad. Wijzigingen en aanvullingen kunnen gebeuren, onderdelen kunnen van plaats veranderen. De school kan haar eigen regels opleggen. Dit zijn maar suggesties.

De eerste kolom geeft de periode aan. Hierin komt dus de week (nummer) en/of de les (nummer). Ook de vakantieperiodes, vrije dagen, uitstappen en evaluatieperiodes (herhalingstoetsen, examens) worden in de planning opgenomen.

De tweede kolom vermeldt de voldoende duidelijk uitgeschreven leerinhouden, zoals ze in het leerplan voorkomen (bv. scheiden van mengsels: destillatie). Deze kolom geeft ook weer wat in de agenda van de leraar en van de leerlingen komt.

Leerplandoelstellingen moeten niet opgenomen worden (daarvoor dient het leerplan). Ze zullen verfijnd worden tot lesdoelstellingen, die als uitgangspunt voor de lesvoorbereidingen dienen.

De derde kolom geeft de (vorderings)datum weer, waarop de les effectief wordt gegeven per klas.

De vierde kolom is bedoeld voor opmerkingen, bv. waarom er meer tijd voor een bepaald onderwerp nodig blijkt dan voorzien. Op die manier beschikt men over informatie om de planning het volgend schooljaar bij te sturen.

Per schooljaar wordt zo’n document opgemaakt dat eventueel voor verschillen jaren of klassen kan dienen. Met de computer is het mogelijk dit document verschillende jaren te gebruiken en eventueel snel aan te passen.