Veiligheid

1. Veilige opslag van chemicaliën

Voor de veilige opslag van chemicaliën zijn aangepaste kasten vereist. In de handel zijn verschillende formaten voorhanden (ook verschillend in prijs).
- een vuurbestendige kast voor brandgevaarlijke stoffen;
- een veiligheidskast voor de opslag van bijtende producten (o.a. sterke zuren en basen);
- giftige producten moeten beslist afzonderlijk en steeds achter slot bewaard worden;
- de overige gevaarlijke stoffen en preparaten mogen bewaard worden in afsluitbare kasten.

Een dubbel van de sleutels van deze kasten dient steeds ter beschikking worden gehouden door het inrichtingshoofd, evenals een lijst van de in elke kast opgeborgen stoffen.
Stoffen die in onderling contact kunnen ontvlammen of exploderen (bv. brand-gevaarlijke en oxiderende stoffen) mogen niet samengezet worden.
Op de buitenwand van al deze kasten moeten de overeenkomstige gevaarsymbolen aangebracht worden.

2. Veilig omgaan met chemicaliën

Experimenten vormen de basis van degelijk wetenschapsonderwijs. Het is dus zeker niet de bedoeling om de gevaren op te schroeven, maar door informatie te geven over de belangrijkste regels i.v.m veiligheids-, gezondheids- en milieu-aspecten de risico’s tot een minimum te herleiden.

Voor wat de persoonlijke veiligheids- en gezondheidsvoorzieningen betreft (lesgevers, leerlingen) zijn de persoonsgebonden aspecten van het Algemeen Reglement voor de Arbeidsbescherming ’ARAB’, (cf. CODEX) van toepassing.
Voor de milieu-aspecten is de VLAREM-wetgeving de norm.

Omdat leerlingen nooit zonder toezicht in een klaslokaal voor wetenschappen aanwezig mogen zijn, moet op de toegangsdeuren duidelijk leesbaar het opschrift ’Toegang streng verboden’ aangebracht worden.

Alle aanvoerleidingen naar de leerlingentafels (gas, water, elektriciteit) moeten vanaf de leraarstafel afgesloten kunnen worden.

In elk wetenschapslokaal zijn aanwezig:
- een blustoestel (CO2 )
- een poederblustoestel
- een branddeken
- een metalen papiermand.

Het laboratorium voor chemie dient bovendien uitgerust te zijn met een trekkast en met een oogwasfles (of oogwasfontein).
Om aan de voorschriften te voldoen dient verder een EHBO-kit met brandzalf aanwezig te zijn.
De koppelstukken op de aanzetstukken van de slangen van de bunsenbranders dienen bevestigd te zijn met sluitklemmen.
Laat de leerlingen bij het uitvoeren van leerlingenproeven het etiket op de voorraadfles aandachtig bekijken (pictogram op oranje achtergrond), de R- en S-zinnen lezen, en leer ze er rekening mee te houden.
De R-zinnen wijzen op de risico’s (R = ‘Risk’) bij gebruik van deze producten.
De S-zinnen geven aan waardoor de veiligheid (S = ‘Safety’) wordt bevorderd bij gebruik van deze stoffen.

Bij proeven die aanleiding kunnen geven tot spatten, dienen de leerkracht en de leerlingen een veiligheidsbril of veiligheidsklep te dragen.
Ook het dragen van een labojas is verplicht.
De leerlingen werken best niet met giftige stoffen (bv. kwikzouten) en met kanker-verwekkende stoffen (bv. benzeen).
Leer de gewoonte aan een voorraadfles vast te nemen met de hand op het etiket. Hierdoor blijft het etiket onbeschadigd.
Deze handelwijze levert een bijkomend voordeel op: wie de fles daarna vast neemt, krijgt geen chemicaliën op zijn hand.
Laat steeds een minimale hoeveelheid stof gebruiken. Hierdoor daalt het risico en wordt het leefmilieu minder belast.

3. Gevaarsymbolen

T+
zeer giftig
diarseentrioxide (rattenkruit), kaliumcyanide

T

giftig
methanol, kwik, lood, aniline, dichloor, benzeen, tetrachloormethaan
Xn
schadelijk
ammoniumchloride, cadmium, dijood, kaliumpermanganaat, tolueen, glycol, xyleen, chloroform
C
etsend
(corrosief)
azijnzuur (ethaanzuur), ammonia 10 %, kalium- en natriumhydroxide, mierenzuur,waterstofchloride, zilvernitraat
Xi
irriterend
ammoniak (aq) 10 %, broomwater, kaliumdichromaat, calciumchloride
E
ontplofbaar
(explosief)
picrinezuur, cellulosetrinitraat, 2, 4, 6-trinitrotolueen (TNT)
O
oxiderend
kaliumchloraat, kaliumnitraat, salpeterzuur, lood(2+)nitraat,kaliumpermanganaat, natriumperoxide, natriumnitraat, waterstofperoxide
F+

zeer licht
ontvlambaar

butaan, diethylether, methaan, propaan, diwaterstof
F
licht ontvlambaar
aceton, ethanol, methanol, tolueen, petroleumether, gele en rode fosfor
N
gevaarlijk voor het milieu
tetrachloormethaan, trichloorethaan
Welke gevaarsymbolen op welke producten?
http://www.cdc.gov/niosh/ipcs/dutch.html

Klik op INDEX van CHEMISCHE NAMEN en SYNONYMEN


4. R- en S-zinnen

De R- en S-zinnen zijn conform de wet van 23 juni 1995, gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 26-10-1995 (Art. F. 95-2931).

Op recipiënten kleiner dan 125 ml mogen de R- en S-zinnen weggelaten worden, behalve voor exposlieve (E), zeer giftige (T+), giftige (T), corrosieve (C) en zeer licht ontvlambare (F+) producten.

Welke R- en S-zinnen op welke producten?
http://www.cdc.gov/niosh/ipcs/dutch.html

Klik op INDEX van CHEMISCHE NAMEN en SYNONYMEN

R-zinnen

R1
In droge toestand ontplofbaar.
R2
Ontploffingsgevaar door schok, wrijving, vuur of andere ontstekingsoorzaken.
R3
Ernstig ontploffingsgevaar door schok, wrijving, vuur of andere ontstekingsoorzaken.
R4
Vormt met metalen zeer gemakkelijk ontplofbare verbindingen.
R5
Ontploffingsgevaar door verwarming.
R6
Ontplofbaar met en zonder lucht.
R7
Kan brand veroorzaken.
R8
Bevordert de ontbranding van brandbare stoffen.
R9
Ontploffingsgevaar bij menging met brandbare stoffen.
R10
Ontvlambaar.
R11
Licht ontvlambaar.
R12
Zeer licht ontvlambaar.
R13
 
R14
Reageert heftig met water.
R15
Vormt zeer licht ontvlambaar gas in contact met water.
R16
Ontploffingsgevaar bij menging met oxiderende stoffen.
R17
Spontaan ontvlambaar in lucht.
R18
Kan bij gebruik een ontvlambaar / ontplofbaar damp-luchtmengsel vormen.
R19
Kan ontplofbare peroxiden vormen.
R20
Schadelijk bij inademing.
R21
Schadelijk bij aanraking met de huid.
R22
Schadelijk bij opname door de mond.
R23
Giftig bij inademing.
R24
Giftig bij aanraking met de huid.
R25
Giftig bij opname door de mond.
R26
Zeer giftig bij inademing.
R27
Zeer giftig bij aanraking met de huid.
R28
Zeer giftig bij opname door de mond.
R29
Vormt giftig gas in contact met water.
R30
Kan bij gebruik licht ontvlambaar worden.
R31
Vormt giftig gas in contact met zuren.
R32
Vormt zeer giftige gassen in contact met zuren.
R33
Gevaar voor cumulatieve effecten.
R34
Veroorzaakt brandwonden.
R35
Veroorzaakt ernstige brandwonden.
R36
Irriterend voor de ogen.
R37
Irriterend voor de ademhalingswegen.
R38
Irriterend voor de huid.
R39
Gevaar voor ernstige onherstelbare effecten.
R40
Onherstelbare effecten zijn niet uitgesloten.
R41
Gevaar voor ernstig oogletsel.
R42
Kan overgevoeligheid veroorzaken bij inademing.
R43
Kan overgevoeligheid veroorzaken bij contact met de huid.
R44
Ontploffingsgevaar bij verwarming in afgesloten toestand.
R45
Kan kanker veroorzaken.
R46
Kan erfelijke genetische schade veroorzaken.
R47
Kan geboorteafwijkingen veroorzaken.
R48
Gevaar voor ernstige schade aan de gezondheid bij langdurige blootstelling.
R49
Kan kanker veroorzaken bij inademing.
R50
Zeer giftig voor in het water levende organismen.
R51
Giftig voor in het water levende organismen.
R52
Schadelijk voor in het water levende organismen.
R53
Kan in het aquatisch milieu op lange termijn schadelijke effecten veroorzaken.
R54
Giftig voor planten.
R55
Giftig voor dieren.
R56
Giftig voor bodemorganismen.
R57
Giftig voor bijen.
R58
Kan in het milieu op lange termijn schadelijke effecten veroorzaken.
R59
Gevaarlijk voor de ozonlaag.
R60
Kan de vruchtbaarheid schaden.
R61
Kan het ongeboren kind schaden.
R62
Mogelijk gevaar voor verminderde vruchtbaarheid.
R63
Mogelijk gevaar voor beschadiging van het ongeboren kind.
R64
Kan schadelijk zijn via de borstvoeding.

Ook combinaties van R- zinnen komen voor, bv. R 14/15 Reageert heftig met water en vormt daarbij zeer ontvlambaar gas.

S-zinnen

S1
Achter slot bewaren.
S2
Buiten bereik van kinderen bewaren.
S3
Op een koele plaats bewaren.
S4
Verwijderd van woonruimten opbergen.
S5
Onder ... houden (geschikte vloeistof aan te geven door fabrikant).
S6
Onder ... houden (inert gas aan te geven door fabrikant).
S7
In goed gesloten verpakking bewaren.
S8
Verpakking droog houden.
S9
Op een goed geventileerde plaats bewaren.
S12
De verpakking niet hermetisch sluiten.
S13
Verwijderd houden van eet- en drinkwaren en van dierenvoeder.
S14
Verwijderd houden van ... (stoffen, waarmee contact vermeden dient te worden, aan te geven door de fabrikant).
S15
Verwijderd houden van warmte.
S16
Verwijderd houden van ontstekingsbronnen - Niet roken.
S17
Verwijderd houden van brandbare stoffen.
S18
Verpakking voorzichtig behandelen en openen.
S20
Niet eten of drinken tijdens gebruik.
S21
Niet roken tijdens gebruik.
S22
Stof niet inademen.
S23
Gas/rook/damp/spuitnevel niet inademen (toepasselijke term(en) aan te geven door de fabrikant).
S24
Aanraking met de huid vermijden.
S25
Aanraking met de ogen vermijden.
S26
Bij aanraking met de ogen onmiddellijk met overvloedig water afspoelen en deskundig medisch advies inwinnen.
S27
Verontreinigde kleding onmiddellijk uittrekken.
S28
Na aanraking met de huid onmiddellijk wassen met veel ... (aan te geven door de fabrikanten).
S29
Afval niet in de gootsteen werpen.
S30
Nooit water op deze stof gieten.
S33
Maatregelen treffen tegen ontladingen van statische elektriciteit.
S34
Schok en wrijving vermijden.
S35
Deze stof en de verpakking op veilige wijze afvoeren.
S36
Draag geschikte beschermende kleding.
S37
Draag geschikte handschoenen.
S38
Bij ontoereikende ventilatie, een geschikte ademhalingsbescherming dragen.
S39
Een beschermingsmiddel voor de ogen / voor het gezicht dragen.
S40
Voor de reiniging van de vloer en alle voorwerpen verontreinigd met dit materiaal, ... gebruiken (aan te geven door de fabrikant).
S41
In geval van brand en/of explosie inademen van rook vermijden.
S42
Tijdens de ontsmetting / bespuiting een geschikte adembescherming dragen.
(Geschikte term(en) door de fabrikant aan te geven.)
S43
In geval van brand ... gebruiken. (Blusmiddelen aan te duiden door de fabrikant. Indien water het risico vergroot toevoegen: "Nooit water gebruiken").
S44
Indien men zich onwel voelt een arts raadplegen (indien mogelijk hem dit etiket tonen).
S45
In geval van ongeval of indien men zich onwel voelt onmiddellijk een arts raadplegen (indien mogelijk hem dit etiket tonen).
S46
In geval van inslikken onmiddellijk een arts raadplegen en verpakking of etiket tonen.
S47
Bewaren bij een temperatuur beneden ... °C (aan te geven door de fabrikant).
S48
Inhoud vochtig houden met ... (middel aan te geven door de fabrikant).
S49
Uitsluitend in de oorspronkelijke verpakking bewaren.
S50
Niet vermengen met ... (aan te geven door de fabrikant).
S51
Uitsluitend op goed geventileerde plaatsen gebruiken.
S52
Niet voor gebruik op grote oppervlakken in woon- en verblijfruimtes.
S53
Blootstelling vermijden - voor gebruik speciale aanwijzingen raadplegen.
S56
Deze stof en de verpakking naar inzamelpunt voor gevaarlijk of bijzonder afval brengen.
S57
Neem passende maatregelen om verspreiding in het milieu te voorkomen.
S59
Raadpleeg fabrikant/leverancier voor informatie over terugwinning/recycling.
S60
Deze stof en de verpakking als gevaarlijk afval afvoeren.
S61
Voorkom lozing in het milieu. Vraag om speciale instructies/veiligheidskaart.
S62
Bij inslikken het braken niet opwekken; onmiddellijk een arts raadplegen en de verpakking of het etiket tonen.

Ook combinaties van S-zinnen kunnen voorkomen, bv.S 3/7 Gesloten verpakking op een koele plaats bewaren.

5. Verwijdering van afval

Het klein gevaarlijk afval (KGA) en de gevaarlijke stoffen en preparaten (GSP) dienen op een legale manier verwijderd te worden.

De meeste chemicaliën mogen niet via de gootsteen weggespoeld worden. Het verzamelen van het afval gebeurt het best in afzonderlijke flessen of vaten, bv. een fles voor de organische oplosmiddelen, een fles voor de zouten van (zware) metalen.

Het ophalen van de afvalstoffen kan het best gebeuren door gespecialiseerde firma’s, die over de nodige vergunningen beschikken, bv. Ecowaste, Van Gansewinkel (cf. Gouden gids). Om op de kosten voor het vervoer, die nogal hoog kunnen uitvallen te besparen, is het aan te bevelen om dit te doen in samenspraak met de scholengemeenschap.

In een aantal gemeenten bestaat de mogelijkheid om dit afval selectief te laten ophalen met de chemocar.

Sommige scholen verwijderen kleine hoeveelheden chemisch afval door het (gratis) mee te geven in de milieubox.

De onderstaande richtlijnen zijn vrij vertaald uit "Richtlinien zur Sicherheit im naturwissenschaftlichen Unterricht" geldig voor Duitse scholen. Als voor bepaalde producten andere richtlijnen worden aangegeven in Vlaanderen, moeten uiteraard deze laatste worden opgevolgd.

Hoe omgaan met bepaalde producten?
http://www.cdc.gov/niosh/ipcs/dutch.html

Klik op INDEX van CHEMISCHE NAMEN en SYNONYMEN

A-zinnen

(Afvalzinnen = adviezen voor veilig verwijderen van afvalstoffen)

A1
Verdunnen, in de spoelbak gieten en met veel water naspoelen. kleine hoeveelheden corrosieve, oxiderende stoffen, als ze in water oplosbaar zijn
A2
Neutraliseren (6 _ pH _ 8), in de spoelbak gieten en naspoelen. zuren en basen
A3
Bij het huishoudelijk afval als dit verbrand wordt vaste stoffen (indien geen andere voorschriften zijn aangegeven)
A4
Neerslaan als sulfide, voor het neerslag: zie A 8 zouten van zware metalen
A5
Neerslaan met Ca-ionen, daarna A 1 of A 3. oplosbare fluoriden en oxalaten
A6
Niet met het huishoudelijk afval meegeven; de ophaalfirma inlichten over de aard van de stoffen. brand- of explosiegevaarlijke stoffen
A7
In de trekkast verbranden gassen en dampen
A8
Behoort tot het KGA, zie speciale richtlijnen Nessler-reagens (Hg-houdend)
A9
Zeer voorzichtig kleine hoeveelheden verbranden
(in een open recipiënt én in open lucht).
explosiegevaarlijke producten en mengsels
A10
In glazen flessen gieten voorzien van een etiket : "organisch afval - bevat halogeenverbindingen" of "organisch afval - bevat geen halogenen"; daarna zie A8 organische verbindingen:
- halogeenhoudend
- zonder halogenen
A11
Neerslaan als hydroxide (pH = 8);
daarna het neerslag (etiket!) behandelen zoals A 8.
opgeloste zouten van zware metalen
A12
Nooit verwijderen via de riolering (S-zin 29). brandbare stoffen die onoplosbaar zijn in water;
zeer giftige stoffen
A13
Uit de oplossing neerslaan als metaal met behulp van een onedeler metaal (A 14, A 3). chroom- en koperverbindingen
A14
Geschikt voor recyclage; zo nodig bezorgen aan een gespecialiseerd afvalverwerkingsbedrijf. aceton destilleren uit een solvent- mengsel; het zuiveren van verontreinigd kwik
A15
Voorzichtig laten reageren met water; de eventueel vrijkomende gassen verbranden of absorberen, of sterk verdunnen en wegspoelen. restant van calciumcarbide
A16
Specifieke aanbevelingen opvolgen (vakliteratuur). kwikverbindingen, zinkchromaat

6. Nuttige gegevens

Er is ernorm veel informatie in verband met deze materie te vinden op volgende website:

http://www.cdc.gov/niosh/ipcs/dutch.html
Klik op INDEX van CHEMISCHE NAMEN en SYNONYMEN
De producten zijn alfabetisch gerangschikt. Je vindt bij elk product ALLE veiligheidsinformatie die je maar kan bedenken!

Gevaarlijke stoffen en preparaten, gratis brochure van het Commissariaat-generaal voor de bevordering van de arbeid, Belliardstraat 51, 1040 Brussel.

Chemiekaarten, een compleet pakket om veilig te werken met chemicaliën (inclusief cd-rom), Kluwer Editorial, Kouterveld 2, 1830 Diegem.

Zelf vervaardigen van etiketten, (gratis) cd-rom met pictogrammen en R- en S-zinnen, VEL NV, Geldenaaksebaan 464, 3001 Heverlee
Chemie & veiligheid, praktische handleiding, Nationale Vereniging tot Voorkoming van Arbeidsongevallen, (NVVA), Gacchardstraat 88, 1050 Brussel.

Ook zijn op hetzelfde adres technische steekkaarten van gevaarlijke producten en diverse affiches over het omgaan met gevaarlijke stoffen te bekomen.

Veiligheidsvoorschriften voor het chemie-labo, Provinciaal Veiligheidsinstituut, Jezusstraat 28-30, 2000 Antwerpen.

Jij en de chemie, gratis brochures, Federatie van de Chemische Nijverheid, Maria-Louizasquare 49, 1040 Brussel.

Veiligheidskaarten Chemie voor het Secundair Onderwijs, (vertaling van ‘Cleapse Hazcards), LUC, Relaties Onderwijs, Universitaire Campus, 3610 Diepenbeek.

Safety & Environmental Accounting System (SEAS), Een geïntegreerd software-systeem voor het beheer van gevaarlijke stoffen, VDO NV, Leuvensesteenweg 310/7, 3070 Kortenberg.

‘Wel thuis - het voorkomen van vergiftigingen’ en ‘ Wie ons wil bellen, verliest beter geen tijd’ gratis brochures, Antigifcentrum, p/a Militair Hospitaal Koningin Astrid, Bruynstraat 1120 Brussel, tel 02/264.96.36 - fax 02/264.96.46.

Het VIG, Vlaams Instituut voor Gezondheidspromotie, G. Schildknechtstraat 9, 1020 Brussel, bezit een pak nuttige gezondheidsinformatie: www.vig.be.

De volledige milieuwetgeving (VLAREM) is te raadplegen op de website van AMINAL, Administratie Milieu-, Natuur-, Land- en Waterbeheer, E. Jacqmainlaan 156, 1000 Brussel: www.mina.be.

Voor infrastructuurwerken in de laboratoria dient contact opgenomen te worden met de afdeling Infrastructuur Regio Oost (IRO) of met de afdeling Infrastructuur Regio West (IRW).

Met dank aan de Koninklijke Vlaamse Chemische Vereniging (KVCV) en de Vereniging voor het Onderwijs in de Biologie, de Milieuleer en de Gezondheidseducatie (VOB).

Voor uw vragen of opmerkingen kunt u mailen naar:

jean.van.de.weerdt@pandora.be